post

Spannende titelstrijd op NK schoonrijden

UTRECHT – Het NK Schoonrijden in Utrecht, traditioneel de afsluiting van het seizoen én een feestje voor de deelnemers, had dit keer een wat andere sfeer.

De groep schaatsers, die met elkaar omgaat als een grote familie, had net afscheid genomen van één van de pijlers van de sport en bestuurslid van de landelijke vereniging. Cees de Vries (70 jaar) was een paar dagen ervoor vrij plotseling overleden. Iedereen was aangeslagen.

Dus hing de vlag op de Vechtsebanen halfstok, werd er voor het toernooi even stil gestaan bij de vele verdiensten van Cees en reden velen met een brok in de keel. Joke van de Scheur. “Gisteravond zijn we met een groot deel van deze groep gaan condoleren. Dat zit vandaag nog in m’n hoofd. Helemaal omdat Cees er twee weken geleden bij de wedstrijd in Dordrecht gewoon nog bij was. Tijdens het rijden moet ik dat echt even van me af zetten.”

Dames

En gereden wordt er, op het scherp van de snede, want het NK is bijzonder spannend. Bij de dames gaat de strijd om de plaatsen één en twee het hele seizoen al tussen Alie Hakkert en Wil van Schaik. De vorm van de dag bepaalt steeds wie er wint en dat is de ene keer Wil en de andere keer Alie.

Ook tijdens het NK zijn kleine dingen bepalend. Hoewel Hakkert vooraf zegt extra gespannen te zijn. “Ik doe dit nu al 32 jaar, maar iedere keer als ik langs de jury rijd krijg ik knikkende knieën.” Toch wint ze, zelfs met ruime voorsprong op Van Schaik, en met gemengde gevoelens. “Gisteren heb ik nog gezegd: ik ga voor de titel en áls ik win, is het voor Cees. Bij deze!”

Heren

Bij de mannen staat Henk Wartenhorst al jaren op eenzame hoogte. Hij is dan ook al elf keer op rij Nederlands kampioen geworden, meestal met een straatlengte voorsprong op de rest. Dit jaar gaat het niet zo makkelijk, want Henk heeft er in Henny van Maanen een serieuze concurrent bij. Henny, zelf ook veelvoudig nationaal kampioen, heeft vorig jaar zijn comeback gemaakt. Toen won hij met overmacht in de A klasse en daardoor mocht hij nu in de Hoofdklasse deelnemen.

“Dat is alleen maar leuk”, vindt Wartenhorst, “want Henny zit het hele seizoen al heel kort op me: soms scheelt het maar zeven, tien of twaalf punten. Dit geeft meer spanning en ik moet flink aan de bak.” Van Maanen reed inderdaad ook nu goed, maar toch wint Wartenhorst, al is het verschil in jaren niet zo klein geweest. Het is zijn twaalfde titel.

Paren

Ook de strijd om de nationale titel bij de paren was spannender dan ooit. Het werd een nek aan nek race tussen het echtpaar dat al jaren de wedstrijd domineert, Jaap en Gerda Plakman, en het koppel Alie Hakkert en Piet Heneweer.

De ‘Plakmannen’ winnen de eerste twee figuren, Hakkert en Heneweer de derde. Het uiteindelijke verschil is slechts drie punten, maar toch prolongeert het echtpaar Plakman uiteindelijk hun titel en wordt Nederlands Kampioen.

Tekst: Marjon Labordus
Foto: Sander Chamid
Bron: schaatsen.nl
post

‘Schoonrijden zit in de lift’

Aandachtig toeschouwer bij het NK Schoonrijden is Emile Kallen, voorzitter van de LVS (Landelijke Vereniging van Schoonrijders). Hij geniet niet alleen van de spannende strijd op het ijs, maar kan ook melden dat het met deze tak van de schaatssport sinds lange tijd weer de goede kant op gaat. “We voelen dat we in een flow zitten dit seizoen!”

Er is dan ook hard aan de weg getimmerd om reclame te maken voor het schoonrijden. Kallen: “Bij alle trainingsgroepen is een aanwas van leden te zien, terwijl daar jarenlang geen sprake van is geweest. Dat is de verdienste van velen.

Er zijn dit seizoen bijvoorbeeld behoorlijk wat clinics gegeven in het land: in Dordrecht, Alkmaar, Heerenveen, Hoorn, Zoetermeer en laatst nog op de Coolste Baan van Nederland in Amsterdam. Dat levert dan weliswaar niet meteen tientallen nieuwe leden op, maar als er per groep een stuk of drie à vier bij komen zijn we al heel tevreden. We moeten érgens beginnen en zien dit als een opmaat naar meer.”

Ook Ard Schenk, die sinds dit seizoen ambassadeur van het schoonrijden is, levert volgens Kallen een positieve bijdrage aan het imago van de sport. “Als het enigszins mogelijk is probeert hij bijvoorbeeld bij de clinics aanwezig te zijn en dat lukt vaak. Dat vindt hij leuk, want dan kan hij én zelf rijden en mensen aanspreken.”

Ook de film ‘Schoonrijden met Ard Schenk‘ doet het goed. Hij wordt regelmatig vertoond en is ook te bekijken op schaatsen.nl en schoonrijden.nu. “Er is door een professioneel bureau nog een andere film gemaakt, over de technische kant van het schoonrijden. Daar heeft een aantal rijders aan meegewerkt. Die film is weer heel goed bruikbaar bij trainingen en demonstraties. Het helpt schaatsers, qua techniek, de puntjes op de i te zetten.”

Volgende stap

Maar ook het feit dat de sport schoonrijden sinds november 2013 op de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed is geplaatst heeft veel publiciteit opgeleverd. “Allemaal goed én hard nodig”, zo vindt Kallen. “Je kunt het negatief bekijken en zeggen: er zijn maar weinig mensen die de sport beoefenen. Maar je kunt ook de positieve kant benadrukken: kijk eens wat we met deze mensen allemaal hebben bereikt! Want de sport zit duidelijk in de lift.”

Het bestuur van de LVS denkt inmiddels al weer na over de volgende stap. “We hebben ideeën om de jeugd nog meer bij onze mooie sport te betrekken en ook voor hen clinics te gaan geven. Niet om ze nu direct allemaal aan het schoonrijden te krijgen, maar in ieder geval om die groep ermee te laten kennismaken: dat ze weten dat dit óók schaatsen is.”

“Contacten met hardrijders zijn er al veelvuldig. Uit die hoek is belangstelling voor het technische aspect van schoonrijden. Want we worden al gevraagd om demonstraties bochten draaien en ‘buitenom rijden’ te geven. Dat is een compliment dat het schoonrijden zeker verdient.”

Tekst: Marjon Labordus
Foto: Sander Chamid
Bron: schaatsen.nl
post

‘Het gevoel dat je zweeft over het ijs’

Wekelijks schaaft Wiebe Blauw (62 jaar) aan zijn techniek voor het schoonrijden, een discipline van het schaatsen die hij nog niet zo heel lang beoefent, maar waar hij wel zijn hart aan verloren heeft.

Tot een jaar of acht geleden reed Wiebe Blauw voornamelijk toertochten. Maar toen er na de laatste Elfstedentocht jaren achter elkaar geen natuurijs was, ging hij op zoek naar een andere manier om toch te kunnen blijven schaatsen. “Ik wilde wel eens iets anders. En door mijn lidmaatschap van verzamelkring ‘De Poolster’ en mijn voorliefde voor oude schaatsen en de historie van het schaatsen was de overstap naar het schoonrijden eigenlijk een logische.”

Het schoonrijden beviel meteen goed. “Het is een heel technische manier van schaatsen, maar dat pikte ik makkelijk op en ik deed ook al snel mee aan wedstrijden. Toen was ik helemaal verkocht, want het is behalve een prachtige sport ook een heel gezellige tak van het schaatsen. De schoonrijders kennen elkaar bijna allemaal, je rijdt altijd met elkaar en de sfeer is geweldig. Het is ook een sport die je tot op hoge leeftijd kunt beoefenen. Voor mij is het belangrijkste dat ik mezelf nog steeds kan en wil verbeteren én de gezellige sfeer.”

Typisch Nederlandse sport

Inmiddels is Blauw, die ook een aantal boeken schreef over de geschiedenis van schaatsen, secretaris van de LVS (Landelijke Vereniging van Schoonrijders). “Ik vind het belangrijk dat deze oude, typisch Nederlandse, sport behouden blijft en via de vereniging kunnen we zorgen dat het schoonrijden meer in de publiciteit komt. Dat doen we bijvoorbeeld door regelmatig clinics te verzorgen. En het gaat goed de laatste tijd, want niet alleen slaan die clinics goed aan, sinds kort is Ard Schenk ambassadeur.”

“Onlangs is de sport ook nog erkend als Cultureel Erfgoed. Hierdoor groeit het aantal schoonrijders gelukkig weer en er zitten zelfs wat jongere deelnemers bij. En dan vinden wij vijfenveertig-plus al jong. Het is natuurlijk wel een prachtige, maar ook een vrij traag ogende sport, dus we snappen heus wel dat jongeren er niet snel voor kiezen. Maar als je vijftig bent en je begint, kun je zo nog dertig jaar mee!”

Blauw blijft graag toertochten rijden, maar kan dat prima combineren met het schoonrijden. “Het is natuurlijk wel even overschakelen, maar juist de combinatie vind ik leuk. En hoe heerlijk het ook is om een tocht te rijden, ook tijdens het schoonrijden geniet ik enorm. Het gevoel dat je krijgt wanneer je met die brede slag over het ijs glijdt is nergens mee te vergelijken. Het voelt of je moeiteloos rijdt: een gevoel dat je zweeft over het ijs…”

In het kader van de KNSB Schaatsweek worden diverse personen in en om de schaatssport gevraagd waarom zij schaatsfan zijn. De KNSB Schaatsweek is van 26 december 2013 tot en met 5 januari 2014. Tijdens deze periode wil de KNSB iedereen laten zien hoe leuk schaatsen is. Samen met haar partners, zoals verenigingen en ijsbanen, biedt de KNSB een breed aanbod aan schaatsactiviteiten aan. Activiteiten om zelf te schaatsen en (top)evenementen om naar het schaatsen te kijken.

Tekst: Marjon Labordus
Bron: schaatsen.nl
post

Schoonrijden als immaterieel cultureel erfgoed

Het schoonrijden is tot nu toe naast het krulbollen uit Zeeuws-Vlaanderen en de valkerij de enige sport die erkend is als immaterieel cultureel erfgoed in Nederland. Op 5 november jl. werd Ineke Strouken, directeur van het Nederlands Centrum voor Volkscultuur en Immaterieel Erfgoed (VIE), gezeten op een duwslee door 90 schoonrijders uit het hele land onthaald om het nieuws bekend te maken. Vervolgens overhandigde Ineke Strouken een certificaat aan Emile Kallen, voorzitter van de Landelijke Vereniging van Schoonrijders (LVS), onder toeziend oog van Ard Schenk, ambassadeur van het schoonrijden, en Jan Bolt, penningmeester van de KNSB.

Schoonrijden is het achtiende erfgoed dat op de Nationale Inventaris Immaterieel Cultureel Erfgoed is geplaatst. Naar verwachting zullen aan het eind van dit jaar 43 erfgoederen op deze Inventaris staan. De komende jaren zal de Nationale Inventaris verder worden uitgebreid.

Ineke Strouken van het VIE: “Het is heel bijzonder dat het schoonrijden nu al op de Nationale Inventaris staat vóór bijvoorbeeld de Elfstedentocht. De Landelijke Vereniging van Schoonrijders kon de lange traditie van het schoonrijden heel goed aantonen. En het gaat hier om een levende traditie die gedragen wordt door een hechte gemeenschap in de vorm van de Landelijke Vereniging van Schoonrijders, gesteund door de KNSB.”

De Landelijke Vereniging van Schoonrijders is een zelfstandige vereniging, die verantwoordelijk is voor de instandhouding van het schoonrijden als cultureel verschijnsel. Als het gaat om schoonrijden als pure schaatssport fungeert de vereniging ook als sectie Schoonrijden van de KNSB (het opleiden van trainers en juryleden, het organiseren van de wedstrijden etc.). In de praktijk zijn die twee invalshoeken vaak moeilijk te scheiden. Daarom is de aanvraag om erkend te worden als cultureel erfgoed ingediend door de LVS én de KNSB samen.

Emile Kallen, voorzitter van de Landelijke Vereniging van Schoonrijders, weet dat de erkenning van het schoonrijden als cultureel erfgoed de verplichting met zich meebrengt om het schoonrijden door te geven aan komende generaties. “We hebben met steun van het Fonds voor Cultuurparticipatie, het Prins Bernhard Cultuurfonds en KPN de film ‘Schoonrijden met Ard Schenk‘ laten maken waarin het schoonrijden in de volle breedte aan bod komt: geschiedenis, techniek en beleving. Met deze film kunnen we een groot publiek van potentiële schoonrijders bereiken.”

Meervoudig Nederlands-, Europees-, Wereld- en Olympisch kampioen Ard Schenk daarover: “De basis van het schoonrijden is het overkomen, het afwisselend op de binnen- en de buitenkant rijden. Daarom pleit ik er voor om bij de training van langebaanrijders meer aandacht te besteden aan het onder de knie krijgen van de schoonrijslag. Niet alleen hebben alle schaatsers baat bij deze techniek, het draagt ook bij aan het levend houden van het schoonrijden als cultureel erfgoed. En bovendien past het goed in het beleid van de KNSB om meer uit te wisselen tussen de verschillende disciplines.”

Emile Kallen vult aan: “We bieden schaatsverenigingen proeflessen en demonstraties aan in het schoonrijden. Het is altijd het beste als mensen het zelf eens proberen en ervaren.”
Schoonrijden heeft het imago oubollig te zijn en alleen geschikt voor ouderen. Kallen: “Wij stellen ons open voor nieuwe ideeën, zowel vanuit de vereniging zelf als ook van buiten af. We hebben een commissie Vernieuwing schoonrijden ingesteld die een aantal nieuwe schoonrijfiguren heeft voorgesteld. Die proberen we nu uit. Afgelopen jaar hebben we onder andere een proefles gegeven aan studenten in Groningen en van hen feedback gekregen. En dan blijkt dat zij niet alleen geïnteresseerd zijn in de techniek van het schoonrijden, maar vooral ook in het samen schaatsen, in de beleving van het samen zweven over het ijs, zeg maar het culturele element.”

Het uiteindelijke streven van de LVS en haar ambassadeur Ard Schenk is internationaal erkend te worden door UNESCO als immaterieel erfgoed. Nederland heeft in 2012 al het UNESCO ‘Verdrag ter bescherming van het immaterieel erfgoed’ ondertekend, maar de Raad voor Cultuur is nog bezig met het opstellen van de juiste aanmeldings- en toekenningsprocedure. Voor UNESCO kan de LVS het schoonrijden niet voordragen. Dat moet de Staat der Nederlanden doen, en die wil daarbij wel zeker zijn van zijn zaak.

Ineke Strouken van het VIE merkt overigens op dat het schaatsen in Nederland in het algemeen eigenlijk ook als erfgoed zou kunnen worden aangemerkt. “Er is geen land in de wereld waar zoveel mensen zich op het ijs begeven als er sprake is van natuurijs. Maar wie is dan de aanvrager voor al die plotselinge uitingen van schaatsplezier.” Ligt hier een schone taak voor de KNSB?

Tekst: Wiebe Blauw
Foto: Martin de Jong
Bron: Magazine schaatsen.nl
post

Schoonrijden basis van schaatsen

Schoonrijden, weet u eigenlijk wel wat het verschil is met kunstrijden? Bij de NOS weten ze het helaas nog steeds niet. Toen afgelopen dinsdag bekend werd dat schoonrijden door de Unesco officieel is erkend als ‘immaterieel erfgoed’ meldde de NOS op de website: “Met Joan Haanappel en Sjoukje Dijkstra haalde Nederland grote successen in het kunstrijden op de schaats, een aan de oud-Hollandse traditie verwante sport.”

Vooruit dan maar, nog één keer: schoonrijden en kunstrijden hebben net zoveel of zo weinig met elkaar te maken als kunstrijden en hardrijden. De drie schaatsdisciplines gebruiken ook geheel verschillende schaatsen. Mocht je écht een parallel zoeken, dan is schoonrijden veel meer verwant aan het hardrijden, dan aan het kunstrijden.

Schoonrijden is feitelijk de ‘basisslag’ van het hardrijden. Óverkomen: dáár gaat het vooral om in het hardrijden, en daar gaat het vrijwel uitsluitend om bij het schoonrijden. Wie dát beheerst, doorgrondt in feite de magie van het schaatsen: een beweging die als je hem perfect weet uit te voeren, door de lage glijweerstand met het ijs vrijwel geen energie kost.

Een goede schoonrijder kán eigenlijk niet moe worden. Vandaar ook dat geoefende schoonrijders hun sport tot op hoge leeftijd kunnen blijven uitoefenen. En vandaar ook dat Ard Schenk, ambassadeur van het schoonrijden, de sport aanbeveelt als ideale manier om ook op hogere leeftijd fit en gezond te blijven.

Maar hoe zit dat nou met kunstrijden? Daar heeft schoonrijden dus niets mee te maken. Een kunstschaats wijkt in vrijwel alles af van een schoonrij-schaats. De kunstschaatser zet nauwelijks zijwaarts af, komt niet over, maar ‘prikt’ zich vooruit. De schaats is ook veel korter en dus veel wendbaarder. Bovendien zitten er kartels voor aan het ijzer, nodig om grip te hebben bij de voor het kunstrijden zo wezenlijke sprongen.

Minst inspannend

Het merkwaardige is dat we over de oorsprong van het schoonrijden weinig weten. Het woord ‘schoonrijden’ kom je pas rond 1870 voor het eerst tegen.

Dankzij de winterlandschappen, die vanaf de zeventiende eeuw in ons land zijn geschilderd, weten we dat er al veel langer geschaatst werd op een manier die sterk lijkt op het huidige schoonrijden. Dat het geen aparte naam had, kwam vermoedelijk omdat eigenlijk iedereen zo schaatste: het was tenslotte de minst inspannende manier om lange afstanden af te kunnen leggen!

Het woord ‘schoonrijden’ kwam pas in zwang toen schaatsen een echte sport werd. De KNSB werd in 1882 opgericht om het schaatsen als wedstrijdsport te organiseren. Dat was hoog nodig, want er werd op en rond het ijs volop gegokt en rijders verkochten overwinningen aan elkaar. Met duidelijke regels kwam er dankzij de KNSB langzaam orde in de hardrijderswereld.

Wedstrijdpad

Ondertussen hadden ook de schoonrijders de eerste schreden op het wedstrijdpad gezet. Vooral in Amsterdam werd het schoonrijden als sport snel populair. Nog meer dan bij het hardrijden deed zich het probleem voor van de reglementering, want hoe leg je iets in regels vast wat al eeuwenlang op gevoel gedaan wordt?

Een mooi voorbeeld is de wedstrijd die de ‘Amsterdamsche Skating-Club’ in 1879 uitschreef. De jury had de volgende voorwaarden gesteld voor het behalen van een prijs:

“In de eerste plaats geldt de wijze waarop de voet buitenwaarts wordt nedergezet, en in de tweede het goed bijtrekken van den anderen voet. Op rechte knieën let de jury bijzonder, en niet minder op de goede houding van het bovenlijf, het stilhouden der armen en het mooi overleggen.”

Oervorm

Ziet u het voor zich? En toch begreep elke schaatser wat er bedoeld werd.

Schoonrijden: het is goed dat de ‘oervorm’ van het schaatsenrijden als uniek Nederlands erfgoed nu een internationaal beschermde status heeft verkregen!

Tekst: Marnix Koolhaas
Foto: Collectie Rijksmuseum
Bron: schaatsen.nl