post

HOOFDDORP – Hij is één van de grootste schaatsers uit de Nederlandse sportgeschiedenis en veertig jaar na zijn drie olympische titels in Sapporo staat Ard Schenk nog altijd graag op het ijs. “Ik schaats gewoon op de kunstijsbaan in Hoorn of soms op de Jaap Eden. Om het een beetje bij te houden”, zegt hij.

De 68-jarige Schenk ziet nog altijd voldoende uitdaging in de sport. Met het klimmen van de jaren is het zelfs weer wat uitdagender dan eerst. “Het is belangrijk om jezelf in conditie te houden als je ouder wordt. Ik blijf het schaatsen een uitdaging vinden omdat het om coördinatie gaat en dat wordt met de leeftijd minder.”

Zelfs met tientallen jaren schaatservaring merkt Schenk dat het aan het begin van de winter niet meteen soepel gaat. “Het gevoel is aan het begin van het winterseizoen altijd even weg. Dan moet ik een paar keer rijden om erdoor te komen. Na een paar weken denk je: ja, ik heb weer een goede slag.”

Met die goede slag komt het echte schaatsgenot ook terug. “Als het dan weer lekker gaat dan merk je dat het weer plezier geeft. Dan komt het oude gevoel weer terug, ook al gaat het dan wat langzamer dan vroeger.”

Schoonrijden

Dit jaar heeft Schenk zijn naam aan het schoonrijden verbonden. Hij is ambassadeur geworden van de sport die op dit moment een verzoek heeft lopen om door de UNESCO als wereld cultureel erfgoed erkend te worden.

De oud-langebaankampioen was meteen enthousiast toen de KNSB zich bij hem meldde met de vraag of hij zich aan de campagne en de sport wilde verbinden. “Ik hoefde er niet lang over na te denken”, zegt hij. “Ik kende de sport wel een beetje. Een zwager van me was in 1966 Nederlands kampioen. Ik was toen Europees kampioen, maar hij zei: ‘Ik ben wereldkampioen.’ Een kampioenschap schoonrijden werd immers alleen hier gehouden.”

Met het ambassadeurschap stapte Schenk ook zelf op de schoonrijschaatsen. “Dat is een uitdaging voor jezelf en voor mij in het bijzonder”, vertelt hij. “Vooral het overkomen en het buitenover rijden. Bij het langebaanschaatsen heb je ook die valbeweging, maar dan stuur je terug om rechtdoor te glijden. Bij het schoonrijden is het overkomen juist waar het om gaat.”

Het schoonrijden heeft daarom niet alleen maar waarde op zich, denkt Schenk. Ook schaatsers in andere disciplines zouden er baat bij kunnen hebben om het een keer te proberen. “Qua techniek zou het bijvoorbeeld voor de jeugd goed zijn om eens af een toe een lesje te doen.”

Natuurijs

Oud-langebaanschaatser en ambassadeur van het schoonrijden is hij nu, maar uiteindelijk is Schenk een natuurijsliefhebber. “Los van een ronde ijsbaan is schaatsen in de vrije natuur nog altijd het ultieme. Dat is fantastisch.”

Dat is, naast conditie en het plezier, ook een reden dat Schenk nog wekelijks zijn rondjes schaatst. “Altijd is er de kans dat er een goede winter komt. Daar hoop je op en daardoor denk je: ik blijf het doen. Als het dan zover is dan sta je voorbereid op het ijs.”

Tekst: Erik van Lakerveld
Foto: Huub Snoep
Bron: schaatsen.nl